kennis- en coördinatiepunt recreatief fietsen

Cijfers en trends

Het Fietsplatform presenteert binnen de Fietsrecreatiemonitor cijfers en trends rondom het recreatieve fietsen in Nederland. Onderstaand staan de belangrijkste fietsfeiten opgesomd.

Effecten van fietsen in Nederland 2018
Fietsdagtochten 2015
Profiel van de dagtochtfietser 2015

Fietsvakanties 2016
Fietsinfrastructuur 2018
Elektrisch fietsen 2016


Kerncijfers effecten van fietsen in Nederland 2018
Bronnen: NBTC-NIPO Research - CVTO 2015 & CVO april-sept 2016; Univé/GfK, Univé Consumenten Monitor: Elektrische Fietsen 2016; RAI/BOVAG/GfK, Fietsen in de statistiek 2007-2017 – Nederland, 2018; RAI, Speed pedelecs 2015-2017, 2018; RAI, Feiten en cijfers Fietsen 2018, 2018.

  • Er zijn 22,8 miljoen ‘gewone’ fietsen, 1,9 miljoen e-bikes en 9.500 speed pedelecs in Nederland. Gemiddeld bezit een huishouden 3 fietsen.
  • 16% van de Nederlanders bezit een elektrische fiets. Van deze 16% heeft vervolgens 6% een high speed e-bike.
  • 24% van alle Nederlanders fietst elke dag (zowel utilitair als recreatief). Nederlanders onder de 50 jaar fietsen vaker elke dag dan Nederlanders van 65 jaar en ouder (respectievelijk 27% en 17%).
  • In 2017 zijn 957.000 nieuwe fietsen verkocht; een stijging ten opzichte van 2016 toen zo’n 928.000 fietsen verkocht werden.
  • In 2017 was de e-bike goed voor 31% van het aantal verkochte fietsen (2016: 29%); dit zijn circa 294.000 elektrische fietsen.
  • In 2017 zijn verder nog 4.572 speed pedelecs verkocht, bijna 30% meer dan in 2016 (3.576) en 2015 (3.539). Voor de wet wordt een speed pedelec niet als fiets, maar als brommer gezien.
  • De gemiddelde verkoopprijs van nieuwe fietsen steeg in de periode 2013-2017 van € 791 naar € 1020 in (+ 29%). Aan een nieuwe ‘gewone’ fiets wordt gemiddeld € 608 uitgegeven, aan een e-bike € 1948. De totale verkoopwaarde van alle verkochte nieuwe fietsen steeg tussen 2013 en 2017 van € 797 miljoen naar € 976 miljoen (+ 22%).
  • Op jaarbasis wordt ruim € 534 miljoen besteed aan recreatief fietsen; € 251 miljoen aan binnenlandse fietsvakanties (CVO 2016) en € 283 miljoen tijdens fietsdagtochten (CVTO 2015).
  • Fietsers gaven in een jaar tijd € 186 miljoen uit aan consumpties tijdens het fietsen van een dagtocht. Dit is 66% van de bestedingen tijdens de fietsdagtocht.
  • Gemiddeld wordt € 1,46 per persoon per fietsdagtocht uitgegeven.
  • Tijdens een fietsvakantie (april-september 2016) gaven Nederlanders gemiddeld € 33,30 per persoon per dag uit, dit is 26% meer dan tijdens een gemiddelde binnenlandse vakantie (€ 26,40). 

Naar boven 

Kerncijfers fietsdagtochten 2015
Bron: NBTC-NIPO - CVTO 2015

  • Bijna de helft van alle Nederlanders heeft een fietsdagtocht (van een uur of langer, incl. reistijd) voor het plezier gemaakt. Dat zijn ruim 8 miljoen Nederlanders.
  • Nederlanders hebben in totaal 193 miljoen recreatieve fietsdagtochten van een uur of langer gemaakt.
  • De gemiddelde groepsgrootte is 2 personen. 43% fietst met z'n tweeën, 41% fietst alleen.
  • Een gemiddelde fietsdagtocht duurt 2,6 uur. 57% van de recreatieve fietsdagtochten duurt langer dan 2 uur.
  • De meeste fietsdagtochten (94%) worden vanuit huis gestart (op de fiets).
  • De weekenddagen zijn het populairst voor een recreatieve fietsdagtocht; 21% van de fietsdagtochten wordt op een zondag ondernomen en 18% op zaterdag.
  • Bij 22% van de fietsdagtochten wordt gebruik gemaakt van knooppuntroutes. Dat zijn ruim 27 miljoen fietsdagtochten waarbij knooppuntroutes worden gebruikt.
  • Hoe langer de fietsdagtocht, hoe vaker gebruik gemaakt wordt van knooppuntroutes. Bij korte tochten wordt relatief weinig gebruik gemaakt van knooppunten. Bij fietsdagtochten tussen de 20 en 50 km is het percentage 28% en bij fietsdagtochten tussen de 50 en 100 km 47%.

Naar boven 

Kerncijfers profiel van de dagtochtfietser 2015
Bron: NBTC-NIPO Research, CVTO 2015 en CBS, Bevolking per maand, 2015.

 

  • Mannen maken vaker een recreatieve fietsdagtocht dan vrouwen. 55 Procent van de recreatieve fietsactiviteiten wordt ondernomen door een man, 45% door een vrouw.
  • Ongeveer de helft (49%) van de recreatieve dagtochtfietsers is 55 jaar of ouder. Deze groep is – in vergelijking met hun aandeel (31%) in de Nederlanders bevolking – sterk oververtegenwoordigd.
  • 43% van de fietsdagtochten wordt met zijn tweeën gemaakt. Bij 41% van de fietsdagtochten, fietst de fietser in zijn eentje.
  • Onder de gebruikers van knooppuntroutes voor dagtochten bevinden zich relatief veel 55-64 jarigen (23%) en 65-plussers (31%).
  • Vanaf de leeftijd van 45-54 jaar groeit het deel van de recreatieve fietsers dat minstens eens per week op de pedalen stapt.

Naar boven 

Kerncijfers fietsvakanties 2016
Bron: NBTC-NIPO research - CVO  2016 en NBTC-NIPO research Onderzoek LF-gebruikers 2014.


Aantal fietsvakanties

(fietsvakantie = minimaal de helft van de dagen gefietst)

  • Tijdens 4,1 miljoen van 14,6 miljoen vakanties in eigen land wordt wel eens gefietst.
  • In de maanden april-september 2016 was 30% van de vakanties waarin wel eens gefietst wordt een specifieke fietsvakantie - waarbij meer dan de helft van de dagen aan fietsen besteed wordt.
  • In de periode april tot en met september 2016 zijn ruim een miljoen fietsvakanties in eigen land ondernomen.

Bekendheid en gebruik LF-routes
(fietsvakantie = vakantie die consument als fietsvakantie ervaart) 

  • In 2014 kent 66% van de fietsvakantiegangers de LF-routes.
  • Ongeveer een derde van de fietsvakantiegangers gebruikte tijdens hun fietsvakantie in Nederland (ook) de LF-routes.
  • LF-gebruikers die een fietstrekvakantie ondernemen fietsten gemiddeld door 3,1 provincies.
  • Tijdens een fietsstandplaatsvakantie doen LF-gebruikers gemiddeld 1,8 provincies aan.

Profiel LF-gebruiker
(fietsvakantie = vakantie die consument als fietsvakantie ervaart. Basis: Nederlanders die LF-routes hebben gebruikt en in 2012/2013 een fietsvakantie hebben ondernomen)

 

  • De LF-gebruiker die een fietstrekvakantie onderneemt is gemiddeld 48 jaar, iets jonger dan de LF-gebruiker die vanaf één locatie fietst (53 jaar oud).
  • LF-gebruikers tussen de 25-45 jaar kiezen relatief vaak voor een fietstrekvakantie.
  • 55-64 jarige LF-gebruikers fietsen tijdens de vakantie juist vaker vanaf één vakantielocatie.
  • 68% van de LF-gebruikers gaat met zijn tweeën op fietsvakantie.
  • LF-gebruikers maken tijdens een fietsvakantie dagelijks gemiddeld 4 stops, meestal bij een horecagelegenheid, picknickplaats of rustbankje.
  • LF-gebruikers die een fietstrekvakantie ondernemen, overnachten vooral in hotels (32%), in een tent (24%), bij een B&B (23%) of bij Vrienden op de Fiets (22%).

Bestedingen / economisch effect (basis: fietstrektochtfietsers die LF-routes gebruiken)

  • In de periode april-september 2016 wordt per persoon gemiddeld € 243 uitgegeven voor een fietsvakantie (minimaal de helft van de dagen gefietst), dit is 34% meer dan tijdens een gemiddelde binnenlandse toeristische vakantie (€ 185).
  • Nederlanders gaven in de periode april-september 2016 in totaal € 251 miljoen aan fietsvakanties (minimaal de helft van de dagen gefietst) in eigen land.

Naar boven 

Kerncijfers fietsinfrastructuur 2018
Bron: BRT/TOP10 NL 2018 en Fietsplatform (landelijke routedatabank) 2018

  • Ruim 88.000 kilometer aan fietsmogelijkheden in Nederland (circa 33.000 km fietspaden en 55.000 km lokale wegen)
  • Het bewegwijzerde fietsknooppuntroutenetwerk is ruim 33.000 kilometer lang en telt ruim 8.700 knooppunten in het veld.
  • Er is een netwerk van iets meer dan 4.600 kilometer LF-routes.
  • 49 regionale netwerken (knooppuntroutes)
  • 1 landelijk netwerk (LF/ lange-afstandroutes)
  • 1 landelijk 'systeemverantwoordelijke': Fietsplatform

Naar boven 

Elektrisch fietsen - gebruik, bezit en imago
Bron: GfK 2015/Univé Consumenten Monitor: Elektrische fietsen 2016 en Bureau Blauw, Rapportage recreatief fietsen, 2016 (i.o.v. ANWB)

 

  • 16% van de Nederlanders heeft een elektrische fiets.
  • Het hebben van een elektrische fiets verhoogt de frequentie van fietsen (utilitair en recreatief); 72% van de elektrische fiets-bezitters fietst minimaal een aantal keer per week (niet-bezitters 57%).
  • Van de fanatieke fietsers uit het ANWB-onderzoek fietst 32% tijdens een recreatieve fietstocht meestal op een elektrische fiets. Van de fanatieke fietsers met een elektrische fiets fietst 66% minimaal eens per week voor het plezier.
  • 48% van de Nederlanders vindt dat elektrische fietsen steeds hipper worden.
  • 63% vindt de elektrische fiets niet alleen voor ouderen.
  • Meer dan de helft van de bezitters van elektrische fietsen (55%) vindt deze veilig terwijl van de niet-bezitters 30% elektrische fietsen veilig vindt.
  • 52% van de Nederlanders vindt een elektrische fiets gevaarlijker in het verkeer dan een gewone fiets; van de bezitters van een elektrische fiets is 32% het hiermee eens.
  • Nederlanders die het weggedrag van elektrische fietsers een onvoldoende geven, doen dit meestal (50%) omdat ze handelingssnelheid van de elektrische fietsers te langzaam vinden of omdat ze te snel rijden (50%).

Naar boven