Op donderdag 12 februari presenteerde Eric Nijland (Fietsplatform) tijdens de International Bike & Hike Tourism Conference (IBTC) hoe je het gebruik van recreatieve fietsroutes effectief kunt meten. Een relevant onderwerp, zeker in Nederland, waar drukte op fietspaden steeds vaker voor uitdagingen zorgt.
Met cijfers uit het onderzoek Recreatief Fietsen (2025) schetste Nijland voor het internationale publiek een actueel beeld van het Nederlandse fietslandschap. In een klein land waar 70% van de inwoners jaarlijks vele recreatieve fietstochten maakt, lopen populaire fietsgebieden snel vol.
Vooral op mooie dagen en in ‘hotspots’ als de Veluwe beïnvloedt die drukte zowel de fietservaring als de veiligheid. Steeds vaker halen beheerders routes (tijdelijk) uit het aanbod. Vaak op basis van ‘gevoel’ van drukte. De behoefte aan betrouwbare data om drukte structureel te monitoren groeit dan ook snel. Hoe spreiden fietsers zich over het land? Waar en wanneer is het druk? En hoe druk?
Inventarisatie van meetinstrumenten
Om routebureaus en terreinbeheerders hierin te ondersteunen, liet samenwerkingsverband Tour de Force een inventarisatie uitvoeren door onderzoeksbureau DTV. Dit op initiatief van Fietsplatform en ANWB. Het onderzoek biedt een actueel overzicht van beschikbare meetinstrumenten en maakt helder waarvoor deze wel – en niet – geschikt zijn.
Tijdens IBTC presenteerde Nijland de belangrijkste uitkomsten. Daarmee kregen deelnemers een beeld van de actuele mogelijkheden om druktemetingen in het recreatief fietsen te kunnen uitvoeren en zo goed onderbouwde keuzes te maken in het routebeheer.
Ideaalplaatje: heatmap
Ideaal zou zijn als we op landelijk niveau zouden kunnen beschikken over een heatmap waarmee op route- en weg-/fietspadniveau inzicht wordt geboden in drukte. Zo ver zijn we nog niet, maar ontwikkelkansen dienen zich hiervoor aan. Met name de geplande routes via routeplanners geven goed inzicht.
